Laatste deel van de “Campos en Cerrados” kroniek, door Rubem Alves:

Onderstaanade tekst kan gelezen worden i.v.m. het artikel ‘Homogeniserende Pinus en de Amerikaanse hegemonie’ op deze blog:

“Ze adviseerden me om die nutteloze velden productiever te maken. Ze vertelden me dat de Cerrado moest worden verbrand, om plaats te maken voor een bos van Amerikaanse dennen. Ze legden me uit dat deze den heel snel groeit en dat er binnen een paar jaar bomen kunnen worden gekapt en omgezet in goede winst. Ik liep door een bos van Amerikaanse dennen, Pinus. Ik was bang. Donker. Totale stilte. Geen vogel die sjilpt. Zij komen daar niet. Ik denk dat ook zij bang zijn. De grond is bedekt met een compacte laag van droge bladeren, zo compact dat er niets groeit, niet eens tiririca (een hardnekkige grassoort). En ik bleef maar denken aan de kromme en ruwe bomen van de Cerrado, en het leven dat in hen leeft. Ik dacht na over het lot van guabirobeiras, de wilde bloemen, de bijen … en concludeerde dat mijn ziel een Cerrado is, en niet een Pinusbos . Ze hebben me ook aangeraden om de grassteppe te branden om bonen te planten. “Bonen geven goed geld”, stelden ze. Maar vooraleer dit te doen, moest ik een gesprek hebben met de kleine bijna onzichtbare bloemen, de kleine insecten, de kleine vogels, de spinnen en hun spinnewebben. En ik had de moed niet. Mijn ziel is een grassteppe, want die kwam uit de moederschoot van moeder natuur, maar het is geen winstgevende plantage. Doen wat me werd geadviseerd zou een grote en goddelijke symfonie omvormen tot een monotone samba van één muzieknoot … “Niet alleen van brood leeft de mens”, zeggen de heilige teksten. We hebben schoonheid en mysterie nodig, alsook het mystieke gevoel van harmonie met de natuur, waaruit we zijn geboren en waarnaar we zullen terugkeren.

Zolang het aan mij ligt, zullen de grasvlaktes blijven bestaan. Zolang het aan mij ligt, zullen er wilde dieren blijven. Omdat ik bang ben dat als ze worden vernietigd, ook mijn ziel het zal begeven. Ik zal net als de dennenbossen, bruikbaar zijn en dood. Ik zal zijn zoals de winstgevende plantages, bruikbaar en zonder mysteries. Ik vroeg me af of het dit is wat de vooruitgang en het onderwijs met onze ziel doet: het transformeren van de wilde schoonheid die in ons leeft in de monotone bruikbaarheid van monoculturen. Het is geen wonder dat, hand in hand met rijkdom, ook een ongeneeslijk verdriet aanwezig is. ‘

Advertisements
This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s