Churrasco

We rijden van Rio Pomba naar Muriaé, van de ene campus van de Instituto Federal van Zuid-Minas Gerais, naar de andere. Wat hebben tijdens deze rit hoge vleesconsumptie en erosie met elkaar te maken?

Vleesvreterij

De eerste keer dat ik het model ‘churrasco’ (barbecue van de Gaúchos van Zuid-Brazilië) leerde kennen was anno 2000 in Belém. Belém/Bethlehem in het uiterste Noorden van Brazilië, aan de monding van de Amzonerivier! Ik was bij een professor landbouw te gast en hij stelde voor om in een ‘Churrascaria’ te gaan eten. Een restaurant dus met churrasco. Ik kon mijn ogen niet geloven, als mannen één na één met lange spiezen vol vlees langs onze tafel bleven komen. Het is een vleesvreterij zonder eind. Ze stoppen pas met langskomen, als je zegt dat het genoeg is. Als je volgevreten bent. Hetzelfde model van ‘rodígio’ (blijven rondkomen met eten) bestaat in Brazilië voor pizza’s of vis. Gulzig eten tot je er bij neervalt en dan uitgeteld zeggen: ‘Stop maar’.

Nadien leerde ik het kennen bij de Gaúchos zelf, in Rio Grande do Sul. Bij de echte boeren op het platteland is het alleen een gewoonte op zondagen en bij een feest. Bijvoorbeeld, als je met een groep Europeanen van de ene gemeenschap naar de andere gaat, dan word je telkens opnieuw ontvangen met een churrasco. Het is dan eenvoudiger en sympathieker.

Runderen op Mars?

In 2005 gingen we met Wervel op uitwisseling naar Fetraf-Sul/CUT, de boerenvakbond in Zuid-Brazilië waarvoor ik toen werkte. Ik vroeg tijdens de voorbereiding naar een typisch restaurant. Iemand bestelde voor ons een churrascaria met Gaúcho-muziek in Curitiba. Het was een immense cultuurshock voor de Wervelaars. Vier van de tien deelnemers waren vegetariërs. Voor hen was het een horror. Een ware oorlogsverklaring met spiezen vol vlees. Sindsdien ervaar ik deze ‘vleescultuur’ ook als een symbool van een levenswijze die we absoluut niet kunnen democratiseren of globaliseren. Wat gaan we doen, als alle Chinezen of Indiërs deze manier van consumeren zouden kopiëren? We zouden dan drie planeten nodig hebben. Ik dacht dat we er maar eentje hebben. We gaan toch geen runderen houden op mars?! Mijn wanhoop en ‘gefundeerd’ pessimisme is dan ook dat deze evolutie volop bezig is. De consumptie van rundvlees daalt wel wereldwijd, maar de consumptie en dus ‘productie’ (wat een woord; het gaat over anoniem gemaakte dieren) van varkens- en kippenvlees vliegt pijlsnel de hoogte in. De helft van de wereldconsumptie van varkensvlees bevindt zich nu in China. Ja, en kippen en varkens worden vooral vetgemest met de Siamese tweeling van de internationale veevoederhandel: soja en maïs.

Degradatie alom

Onderweg zien we totaal gedegradeerde bergen. Sinds de 19e eeuw werd er monocultuur koffie op gezet, want Europa begon massaal koffie te drinken. Toen de koffie in deze streek stopte, kwamen de runderen. De meeste bergen zijn compleet ontbost. De runderen vreten ze nu kaal. Op heel wat plaatsen is alleen maar rode aarde te zien. Foetsie bomen. Foetsie gras. Foetsie water. We stoppen in Muriaé. Hier moeten we in een technische landbouwschool een toespraak houden. We staan allemaal voor een ander landbouwmodel. Voor agroecologie. Toch eten mijn medereizigers (de Braziliaanse chauffeur, een professor en een jonge Franse stagiair) een berg vlees. We kiezen voor het gewone systeem ‘à kilo’ (je betaalt voor wat je op je bord legt) en nog niet eens voor de échte churrascostijl (die duurder is), ook al zijn we in een typische Churrascaria van de Gaúchos beland. Er staat dan ook een metershoge chimarrão (ander symbool van deze dominante bevolkingsgroep) aan de ingang van het restaurant. Om ons heen zien we constant de spiezen vol met vlees aankomen voor hen die wél voor het echte model kozen. De Wervelaars van 11 jaar geleden komen me voor de geest. Ik word er zowaar wanhopig en weemoedig van: “Hoe kunnen we deze waanzin ooit een halt toeroepen?”

Ondertussen eet ik mee à kilo met heel wat groenten, een klein stukje vis en als echte Belg: veel aardappelen. Het gekke is nu dat je in dit systeem evenveel betaalt of zelfs meer, als je aardappelen op je bord legt en geen vlees. Het vlees is hier dan ook (voorlopig?) nog goedkoop. De erosie is dan ook navenant. Waarom leggen we het verband niet, als het uur van middagmaal is aangebroken? Wie betaalt de erosie? De volgende generaties?

Lezen: bron van wijsheid

In de landbouwschool probeer ik subtiel te beginnen over het internationaal jaar van de bodem (2015) en van de vlinderbloemigen (2016). We verwijzen ook even naar de internationale dag tegen de verwoestijning en verdroging (17 juni) en dat zij die zich vormen in agroecologia een belangrijke taak hebben in herstel van gedegradeerde gronden. Over vleesconsumptie zeg ik maar niet te veel, maar ik ga ervan uit dat ze de boodschap begrepen. Onderweg zagen we op de muur van een school: ‘Leitura é fonte da sabedoria’/’Lectuur is bron van wijsheid’. Goed gevonden van dat op de schoolmuur te zetten, want de meeste Brazilianen hebben een broertje dood aan lezen. Laat staan dat ze een boek zouden kopen… Dus verloot ik maar enkele boeken in de aula. Dat geeft altijd de nodige animatie. Aan het eind leest een student uit haar gewonnen boek ‘Legal! Optimisme – realiteit- hoop’. De tekst van Vaclav Havel, waar hij het verschil uitlegt tussen optimisme en hoop.

Nu maar hopen dat ze hun agroecologia in praktijk kunnen zetten om de verwoestijning tegen te gaan. Én hopen dat ooit de link wordt gelegd met het eigen consumptieniveau van dierlijke eiwitten.

Luc Vankrunkelsven,

Rio Pomba, 30 juni 2016

Advertisements
This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s